Desselfs yselijkheid

“Nadat de Brand een einde had genomen, was niemand in staat, om op ’t gezigt dier voorheen bloeijende Stad, desselfs yselijkheid met de penne te beschrijven.”

Uit een ooggetuigenverslag, voorzien van een gezicht op de stad Lissabon van voor de aardbeving van 1755, uitgegeven bij Petrus Schenk en Zoon, “Konst- en Kaartverkopers” in de Kalverstraat te Amsterdam. Een exemplaar is te zien in het Museu da Cidade in Lissabon.

Advertenties

Vormkracht

“Toen klopte ik op een deur, en omdat niemand zich meldt, druk ik op de bestofte klink, open en kom opnieuw uit op de straat: een kam van afval, balken erin, en als ik het gezien heb, trek ik de deur weer toe, probeer het bij de volgende, waar werkelijk iemand verschijnt, een oude heer, die mij met vormen ontvangt, die de stank doen vergeten.”

(eigen vertaling van)

“Einmal klopfte ich an eine Türe, und da sich niemand meldet, drücke ich ich auf die verstaubte Klinke, öffne und sehe neuerdings auf die Strasze hinaus: eine Runse von Schutt, Balken darin, und da ich es betrachtete habe, ziehe ich die Türe wieder  zu, versuche es bei der nächsten, wo wirklich jemand erscheint, ein älterer Herr, der mich mit Formen empfängt, die den Gestank vergessen lassen.”

(Max Frisch, München, mei 1946, in: Europa in Ruinen. Augenzeugenberichte aus den Jahren 1944-1948. Von Stig Dagerman, Alfred Döblin, Janet Flanner, Max Frisch, Martha Gellhorn, John Gunther, Norman Lewis, A.J.Liebling, Robert Thompson Pell und Edmund Wilson. Gesammelt van Hans Magnus Enzensberger.- Frankfurt am Main: Eichborn Verlag 1990, p. 195)

Trümmeramt

“En uit deze blauwe, groene en gele wanden, die werden ingeraamd door de breuklijsten van de vernielde tussenmuren, stond de lucht op van deze levens, de taaie, trage, bedompte lucht, die nog geen wind had verstrooid.”

(Rainer Maria Rilke: De aantekeningen van Malte Laurids Brigge. Vertaald door Pim Lukkenaar.- Amsterdam: Uitgeverij Balans 1992, p.37)

Und aus diesen blau, grün und gelb gewesenen Wänden, die eingerahmt waren von den Bruchbahnen der zerstörten Zwischenmauern, stand die Luft dieser Leben heraus, die zähe, träge, stockige Luft, die kein Wind noch zerstreut hatte.”

(Werke, Band III,1.- Frankfurt am Main: Insel Verlag 1980, p. 150)

Vriendelijk vuur

“But coming down in total blackout, without one glint of light, only great invisible crashing.”

(Thomas Pynchon: Gravity’s Rainbow.- London: Picador 1973, p.3)

“Maar dan omlaag komend in volslagen duisternis, zonder één glimpje licht, alleen een overweldigend onzichtbaar te pletter storten.”

(Yang, jg. 28, 1992/1, p.57)

In memoriam de ramp van Tessenderlo (29 april 1943), chronologisch het middenstuk in een drieluik, met aan de ene kant het bombardement van Mortsel (6 april 1942), en aan de andere kant het bombardement van Beverlo (12 mei 1944): mijn moeder overleefde de ramp, mijn vader het bombardement op Beverlo, het huis waarin ik woon het bombardement op de toenmalige Erlafabriek hier om de hoek.

Bijna 5 jaar later weer bovengehaald n.a.v. de aanslagen in Brussel van 22 maart ’16. Om in elkaar te laten reflecteren: enerzijds het Angelsaksische “friendly fire” van tijdens de Tweede Wereldoorlog in anderzijds het voze terreurgeweld & omgekeerd. Au fond is er een groot verschil. Au fond is er geen verschil.