Een liplap

“Een liplap – om den term te bezigen die voor beleefder wordt gehouden, zou ik moeten zeggen een ‘dusgenaamd inlands kind’ maar ik vraag vergunning mij te houden aan ’t spraakgebruik dat uit alliteratie[1] geboren schijnt, zonder dat ik met die uitdrukking iets beledigends bedoel, en wat betekent het woord dan ook? – een liplap heeft veel goeds.”

[1] Gelijkheid der beginmedeklinkers (hier de l).

Multatuli: Max Havelaar. Of de koffieveilingen der Nederlandsche Handel-Maatschappij. Verzorgd en toegelicht door Dr.G.W.Huygens.– Antwerpen: Ontwikkeling 1967, p.87.

Advertenties

Clementie gevraagd

“Ich bitte die Leserinnen und Leser nur um jenen Vorschuss an Sympathie, ohne den es kein Verstehen gibt.”

Joseph Ratzinger / Benedictus XVI: Jesus von Nazareth. Erster Teil. Von der Taufe im Jordan bis zur Verklärung.- Freiburg/Basel/Wien: Herder Verlag 2007, p.22.

Toen ik hoorde van de geboorte van een meisje, ergens te velde, zocht ik naar een zin, of toch een passage, waarin haar naam figureert, letterlijk, of toch naar de betekenis ervan, en dacht toen aan deze zin uit het voorwoord van Ratzingers Jezusboek – ik dacht dat ik “wohlwollend” of iets van die aard gelezen had, omdat Ratzinger er alludeert op het principe van welwillendheid, uitgangspunt van alle communiceren – was dat verschieten toen ik de bladzijde weer onder ogen kreeg en er dit sierlijke Duits vond, ik dacht aan de rode schoentjes van paus Benedictus, ik dacht ook aan het voorschot aan antipathie dat deze paus in Vlaanderen te beurt is gevallen – gelukkig worden hier nog kinderen geboren, van nature al een en al voorschot van welwillendheid, en wat fijn als er dan eentje “Clémence” wordt genoemd.

Nachtegaal in donker woud

“Als er na dit alles een kind langskomt en het leest, en het na lezing zich eigen maakt, en er trouw aan is (of ontrouw, om het even) en het herinterpreteert en het meeneemt op zijn reis naar de rand, en beide worden erdoor verrijkt en het kind voegt een pond aan waarde toe aan de oorspronkelijke waarde ervan, dan hebben we iets voor ons, een machine of een boek, in staat om tot alle mensen te spreken: niet een geploegd veld of een berg, niet een beeld van een donker woud maar het donker woud, niet een zwerm vogels maar de Nachtegaal.”

Eigen vertaling van:

“If after all of this a kid comes along and reads it, and after reading makes it his own, and is faithful to it (or unfaithful, whichever) and reinterprets it and accompanies it on its voyage to the edge, and both are enriched and the kid adds an ounce of value to its original value, then we have something before us, a machine or a book, capable of speaking to all human beings; not a plowed field but a mountain, not the image of a dark forest but the dark forest, not a flock of birds but the Nightingale.”

Roberto Bolano: Translation Is an Anvil. Zie ook hier.- In: Between Parentheses. Essays, articles and speeches 1998-2003.– New Directions 2011.

Struikgewas

“Ich möchte annehmen, auch ein richtiges Atheistenkind muß, bevor es in das Gottlosigkeits-Stadium seiner Eltern eingehen will, durch ein Dickicht durch, in dem Gott mit jedem Ast den Weg verbaut, und unerreichbar ist, sobald man glaubt, man brauche ihn.”

In eigen vertaling:

“Ik zou willen aannemen, ook een echt atheïstenkind moet, vooraleer het in het goddeloosheidsstadium van zijn ouders wil binnengaan, door een struikgewas heen, waarin God met elke tak de weg verspert, en onbereikbaar is, zodra men gelooft dat men hem nodig heeft.”

Martin Walser: Woran Gott stirbt. Über Georg Büchner.- In: Martin Walser: Aus dem Wortschatz unserer Kämpfe. Prosa, Aufsätze, Gedichte.– Frankfurt am Main: Suhrkamp Verlag 2002 p. 188.